Archief 2004

Wel of geen herbestemming?

Baakse St. Martinuskerk wordt gerestaureerd èn gesplitst

Met geld uit de kanjerregeling krijgt de St. Martinuskerk in het Achterhoekse Baak een grondige opknapbeurt. Het kerkbestuur grijpt de gelegenheid aan om de monumentale kerk te splitsen. Het voorste gedeelte, inclusief het prachtige priesterkoor, wordt de nieuwe kerkzaal, voor het schip zoekt de parochie een andere bestemming.

De St. Martinuskerk dateert uit 1890 en is gebouwd door architect Alfred Tepe (1840-1920), een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de neogotiek in Nederland. Hij ontwierp ongeveer zeventig kerken, het merendeel in Overijssel en Gelderland. Tepe was een leerling van de bekende architect Pierre Cuypers, die onder andere het Rijksmuseum heeft ontworpen. "Mede omdat Tepe de kerk gebouwd heeft, is het een rijksmonument geworden", zegt penningmeester Jan Veenhuis. "Bijzonder is bovendien dat de kerk in zijn oorspronkelijke staat bewaard is gebleven."

Dankzij een gulle gift van de toenmalige kasteelheer, baron Van der Heijden, kon Baak een kerk laten bouwen die plaats biedt aan ongeveer 500 gelovigen. Die omvang paste goed bij die tijd, maar is nu een probleem geworden. Baak telt ongeveer 1.100 inwoners, waarvan er 700 onder de parochie vallen. Veenhuis: "Met kerstmis en sommige begrafenissen is de kerk afgeladen vol, maar gemiddeld komen er op zondag zeventig mensen. Zo’n grote kerk is ongezellig, lastig te verwarmen en enorm duur in het onderhoud. Daarom onderzoekt het kerkbestuur de mogelijkheid om het gebouw te splitsen."

Al een jaar of tien geleden was duidelijk dat de kerk dringend toe was aan restauratie. De enorme kosten, die geschat worden op ongeveer twee miljoen euro, waren lange tijd een struikelblok. Vorig jaar kwam het bericht dat de kerk ongeveer zeventig procent van de restauratie kan bekostigen dankzij de Tweede Kanjersubsidieregeling van de rijksoverheid. Kanjers zijn rijksmonumenten die dringend aan restauratie toe zijn. Bij het toekennen van de subsidie kijkt de overheid onder andere naar de stedenbouwkundige waarde van het object, de manier waarop het publiek er kennis van kan nemen en de betekenis van het investeringseffect van de restauratie. Naast de subsidie draagt de St. Martinuskerk een aanzienlijk deel van de kosten zelf. Bovendien krijgt de kerk geld van de gemeente Steenderen, het bisdom Utrecht en de provincie Gelderland.

Maatwerk

Sinds oktober staat de kerk in de steigers. "Het is de bedoeling dat we het exterieur van de kerk van boven naar beneden onder handen nemen" zegt architect Wim Boerman. "We doen achtereenvolgens het dak, de muren en de raampartijen." Delen van het dak zullen worden voorzien van nieuwe leien en er komen nieuwe zinken goten. Verrotte spanten en sporen worden vervangen, ongedierte wordt bestreden en de haan en windvaan worden schoongemaakt en weer op kleur gebracht. Boerman: "We verwachten dat het dak er daarna, met normaal onderhoud, weer vijftig jaar tegen kan."

Het voegwerk van de muren is volgens Boerman redelijk, maar in het verleden is vaak te harde mortel gebruikt. Het gevolg is dat de bakstenen eenmaal opgenomen water niet goed aan de voegen kunnen afstaan. "Dat water bevriest op een gegeven moment met als gevolg dat de buitenzijde van de steen afbrokkelt. Bij sommige stenen is al meer dan twaalf millimeter verdwenen. We zullen die stenen eerst vakkundig uithakken, daarna metselen we er eenzelfde soort stenen voor in de plaats. De stenen en de mortel moeten worden afgestemd op het bestaande werk. Dat maakt restauratie zo moeilijk en tegelijkertijd zo boeiend. Het is echt maatwerk."

De ijzeren brugstaven, waaraan schitterende glas-in-loodramen zijn bevestigd, zijn in de loop der jaren gaan roesten. Die staven worden daarom vervangen door roestvrijstaal of brons. Boerman: "Nieuw is dat de ramen voorzetbeglazing krijgen. Die dient als bescherming voor het glas-in-lood en heeft thermische voordelen."

Leefbaarheid

Parallel aan de restauratie zal de binnenkant van de kerk in tweeën worden gesplitst. "We willen het voorste gedeelte inclusief het altaar gebruiken voor de diensten", zegt Veenhuis. Het schip, dat ongeveer tweederde van het gebouw beslaat, zal een andere bestemming krijgen, waardoor de parochie fors kan besparen op de onderhoudskosten. Veenhuis: "Die kosten kan onze gemeenschap nu al niet meer opbrengen. Bovendien stijgen ze sneller dan onze opbrengsten, zodat het probleem steeds groter wordt."

Welke bestemming het schip krijgt, is nog niet duidelijk, zegt Boerman. "Er zijn inmiddels verschillende voorstellen gedaan, bijvoorbeeld om er woningen, ateliers of kantoren in onder te brengen. Er is echter nog geen beslissing genomen." Veenhuis’ voorkeur gaat uit naar een oplossing waarbij de grote open ruimte in stand blijft, bijvoorbeeld om er exposities te houden. "Dat zie ik liever dan dat die ruimte dichtgebouwd wordt voor woningen." VROM-wethouder André Baars (CDA), die onder andere Monumenten in zijn portefeuille heeft, deelt die voorkeur. "We hebben als gemeente een studie gedaan naar een nieuwe bestemming. Daaruit bleek dat de combinatie wonen en kerken technisch en financieel haalbaar is. Maar het heeft onze voorkeur om de ruimte intact te laten, zodat er minder verbouwd hoeft te worden." Baars noemt de restauratieplannen van het kerkbestuur "ambitieus en heel mooi. De kerk is voor het dorp een markant gebouw, het zou jammer zijn als dat verloren ging. Daarom vind ik het heel goed dat het kerkbestuur inzet op restauratie."

De gemeente Steenderen levert een garantiesubsidie van 100.000 euro, maar is ook inhoudelijk betrokken. Een vertegenwoordiger van de gemeente is aanwezig bij de bouwvergaderingen. Om een gedeelte van de kerk een andere bestemming te geven, is bovendien wijziging van het gemeentelijk bestemmingsplan nodig. Dat betekent dat de gemeente akkoord moet gaan met de nieuwe invulling van het gebouw. Baars: "We beseffen dat de kerk te groot is en staan heel open tegenover een functieverandering. Waar mogelijk proberen we mee te denken. Belangrijk is dat er een functie gevonden wordt die geen afbreuk doet aan het karakter van het monument en bijdraagt aan vergroting van de leefbaarheid in Baak."

De bedoeling is dat de restauratie eind 2004 voltooid is. Rond die tijd zal er ook een tussenwand geplaatst zijn tussen het kerkelijk en het niet-kerkelijk deel. "Persoonlijk weet ik niet goed of dat een voor- of achteruitgang zal zijn", zegt Veenhuis. "We kunnen niet stil blijven staan bij wat geweest is en weten niet wat de toekomst brengen zal. Daarom moeten we nu onze verantwoordelijkheid nemen. Het is jammer dat de belangstelling voor het geloof afneemt. Maar als we dit gebouw kunnen behouden voor het nageslacht, misschien niet alleen als kerk maar ook als cultuurhistorisch monument, is dat toch veel waard."

Terug naar het archief 2004


 

 

 

 

 

 

 

 

Copyright © Tekstlink - 024-344 6760 - info@tekstlink.com