Osmose-college over de (on)mogelijkheden
van de islam
“Publiek debat over islam
zet rem op emancipatie en integratie”
De islam komt regelmatig negatief in
het nieuws. Maar kan de islam ook een positieve bijdrage
aan integratie leveren? Welke rol kunnen moskeeën hierbij
spelen en wat is hun bereik? Zulke vragen stonden centraal
tijdens het debat ‘De (on)mogelijkheden van de islam in
Nederland’, het derde college dat Osmose en Lux in 2003-2004
organiseerden.
Je zou een hele leergang nodig hebben om
de (on)mogelijkheden van de islam goed te beschrijven, zei
Sadik Harchaoui, directeur van FORUM. Volgens hem worden
wetenschappers en literatuur heen en weer geslingerd tussen
twee stellingen: dat de westerse moderniteit en de islam
onverzoenbaar zijn en dat er zoiets als een Europese islam
zal ontstaan. De vraag welke stelling waar is, is volgens
volgens Harchaoui vrijwel niet te bantwoorden. “Je komt
er niet uit, want je hebt met een gigantische definitiekwestie
te maken. Wat is de definitie van geloof?” Liever dan over
‘de islam’ praat Harchaoui daarom over ‘de moslim’.
Hij signaleerde verder dat het publieke
debat over de islam in Nederland een sterk ethische inslag
heeft en wordt gevoerd in termen van stereotypen, zoals
de onveranderlijke moslim. Het debat is bovendien negatief
en er wordt geen opening tot consensus geboden. De gedachte
lijkt dat we alleen verder komen als we de confrontatie
aangaan. Een ander kenmerk: of het nu gaat over criminaliteit,
opvoeding of normen en waarden, religie speelt in het debat
een centrale rol. Dat is niet verstandig, vindt Harchaoui,
“want religie staat bekend als dé splijtzwam aller tijden”.
Zulke aspecten maken dat het publieke debat leidt tot verwijdering,
verzet, radicalisering en zelf-isolement van vooral jonge
moslims. “Daaardoor zet het debat een rem op emancipatie
en integratie.”
Discotheken
Wat betreft de rol van de moskee was Harchaoui
helder: “Ik vind de moskee primair een gebedshuis. Punt!”
Volgens hem moet de overheid “buitengewoon behoedzaam” te
werk gaan als ze moskeeen wil gebruiken om de integratie
te bevorderen. Een moskee die vrijwillig een sociaal-maatschappelijke
rol wil spelen, moet die kans krijgen, vindt Harchaoui.
De overheid moet daar zakelijk mee omgaan en de moskeeen
in zulke gevallen faciliteren. Andere moskeeen moet de overheid
met rust laten, tenzij hun gedrag indruist tegen onze rechtsstaat.
Harchaoui concludeerde dat er een grote
mate van diversiteit is onder moslims in Nederland en dat
we het debat preciezer moeten voeren. Hij noemde het bovendien
onverstandig om de discussie steeds te beginnen in de landen
van herkomst. “De moslims van de toekomst zijn hier geboren.
Dat vergt een andere benadering.” Tot slot moeten degenen
die jongeren willen bereiken, niet zozeer naar de moskeeen
maar naar de discotheken toe. “Dat is hun leefwereld.”
Goede burgers
Bahaeddin Budak, voorzitter van de Islamitische
Unie Arnhem-Klarendal en directeur van een islamitische
basisschool, bestreed dat. “Natuurlijk komen jongeren in
de discotheek, maar ze komen ook in de moskee. Van de 250
mensen die bij ons deelnemen aan het vrijdaggebed, is zeventig
procent tussen de dertien en dertig jaar. Het klopt wel
dat je naar de discotheek moet als je de probleemjongeren
wilt bereiken.”
Budak had tijdens een introducerend vraaggesprek
aan het begin van de avond al verteld dat de Islamitische
Unie een “prototype moskee” is die méér wil zijn dan een
gebedsruimte. Het is tevens een ontmoetingsplek waar mensen
samenkomen om te praten over zowel religieuze als maatschappelijke
en politieke onderwerpen. Bovendien is de moskee het centrum
voor tal van activiteiten. De Islamitische Unie heeft afdelingen
voor vrouwen, jongeren en studenten. De vrouwen organiseren
bijvoorbeeld Nederlandse taallessen en zwemlessen. Elke
moskee heeft “per definitie een sociaal-maatschappelijke
kant”, vindt Budak en volgens hem is de Islamitische Unie
graag bereid “mee te denken om te zorgen dat onze mensen
goede burgers worden. Maar geef ons dan de mogelijkheden.
Die krijgen we niet.”
Zwakke identiteit
De bijdragen vanuit de zaal waren zeer
divers. Zorgen importhuwelijken er niet voor dat we helemaal
opnieuw moeten beginnen met de integratie, vroeg een toehoorder.
Hoe moeten we omgaan met het vijandbeeld dat moslims in
de hele wereld van het westen hebben, wilde een ander weten.
Weer een ander ging in op het verzet onder jonge moslims
dat Harchaoui had aangestipt. Terugkomend op diens opmerking
dat moslims zeer divers zijn en dus om gedifferentieerd
beleid vragen, vroeg gespreksleider Piet-Hein Peeters of
beleidsmakers en professionals daartoe in staat zijn. “Nee”,
antwoordde Harchaoui volmondig. “Ze krijgen onvoldoende
sturing van de politiek.” Dat was voor Peeters aanleiding
een Nijmeegs raadslid van Groen Links te vragen naar zijn
ervaringen. “Ik word er gek van”, zei hij. “Er worden zo
veel nota’s gemaakt maar we krijgen het probleem niet scherp.
We praten in Nijmegen met de hele wereld, maar het is heel
moeilijk om concreet te worden.” De politicus zei er overigens
vertrouwen in te hebben dat het gedifferentieerde beleid
uiteindelijk van de grond komt.
Op welk punt bent u van gedachten veranderd,
wilde Peeters tot slot van zijn gasten weten. Budak zei
dat het hem duidelijk was geworden dat jongeren met een
zwakke identiteit voor de grootste problemen zorgen. “Wij
bieden die identiteit. Dus kom naar ons toe.” Harchouai
zei dat het hem was opgevallen hoeveel activiteiten er vanuit
moskeeen worden gestart en vroeg zich af: “Hoe kan het dat
in al die gemeenten een modus vivendi is gevonden en dat
dat op landelijk niveau maar niet lukt?”
-----
Aynur Bayram, jeugdarts GGD Ede-Arnhem
“Het college was boeiend, maar bevatte
veel moeilijke termen en ik vroeg me af of iedereen het
kon volgen. Ik vind het belangrijk dat beleidsmakers zich
niet alleen op de symptomen richten, zoals criminaliteit,
maar vooral zoeken naar de oorzaken. Een belangrijke oorzaak
is de gemengde leefwereld van verschillende generaties.
Kinderen worden helaas grotendeels door vrouwen alleen opgevoed.
Ik ben bestuurslid van de vrouwenvereniging van een Arnhemse
moskee die inactieve vrouwen wil laten participeren in de
samenleving. Door de moeders te bereiken, kunnen we ook
de vaders emanciperen zodat er één hecht gezin ontstaat.
Want juist als de ouders niet op één lijn zitten, raken
kinderen in verwarring.”
Abdullah Eslimani, systeembeheerder
“Het is goed om te horen hoe verschillende
mensen over integratie denken, we zijn er tenslotte allemaal
verantwoordelijk voor. De moskee is altijd méér geweest
dan een gebedsruimte. Het is ook een ontmoetingsplek waar
mensen activiteiten organiseren. Daarnaast is het belangrijk
om meer te weten over de islam. Wie de islam begrijpt, begrijpt
ook beter dat het onaangename gedrag van sommige individuele
moslims niks met de islam te maken heeft. Zelf was ik een
tijdje verdwaald doordat ik mijn geloof niet praktiseerde,
met als gevolg dat mijn deelname aan de maatschappij gebrekkig
was. Dankzij het praktiseren van de islam ben ik automatisch
een geïntegreerde burger geworden. Ik ben scholing gaan
volgen, heb mijn best gedaan om werk te vinden, let meer
op mijn gedrag tegenover andere mensen en houd meer rekening
met de Nederlandse cultuur.”
Verschenen in maart 2004 in: Grensverkenningen
(Osmose)