Archief 2004

TBI werkt via ICT-projecten aan organisatieverandering

Van een bibliotheek met twee loketten tot een digitaal instituut. Dat is in het kort de ontwikkeling die het Titus Brandsma Instituut (TBI) de afgelopen decennia heeft doorgemaakt. Vorig jaar startte het instituut met een web community en digitale onderwijsmodules op het gebied van de spiritualiteit. Het UCI verzorgde de technische infrastructuur.

Het TBI is opgericht in de jaren zestig en wijdt zich aan de bestudering van spiritualiteit en mystiek. Hoewel zelfstandig werkt het instituut zeer nauw samen met Theologie en Letteren. In Nederland is het TBI de enige plek waar studenten een volledige master spiritualiteit kunnen halen. “Toen ik in 2000 werkte aan een handboek spiritualiteit werd me duidelijk dat er dringend behoefte is aan een goed opgezet, wereldwijd forum voor spiritualiteit”, zegt Kees Waaijman, wetenschappelijk directeur van het TBI. Zijn idee leidde tot de vorming van de internationale web community Spirituality International, kortweg SPIRIN. Deze community brengt onderzoekers, studenten en mensen uit het veld en het onderwijs samen via internet. SPIRIN omvat zes secties: Who's who, Bibliography, Forum, Education, Bulletin Board, en Encyclopedia.

Met speciaal ontwikkelde descriptoren speurt een medewerker van het TBI het internet af. Hij analyseert welke auteurs zich met welke thema’s bezighouden. De belangrijkste auteurs komen in de Who’s Who te staan, inclusief hun specialisatie en belangrijkste publicaties. De voornaamste probleemvelden worden beschreven in de encyclopedie. Waaijman: “Daarin staat dus niet wat al bekend is, zoals in een gewone encyclopedie, maar wat we nog níet weten. Daardoor hopen we jonge wetenschappers te prikkelen een bijdrage te leveren. Wetenschappers worden persoonlijk benaderd om mee te praten in het Forum en daar virtuele congressen rond bepaalde thema’s te organiseren.”.

Autootje

Onlosmakelijk verbonden met SPIRIN is SPINE, dat staat voor Spirituality Network for Education. Dit project richt zich vooral op internationale samenwerking en stelt studenten in staat op afstand spiritualiteitsonderwijs te volgen. SPINE is gestart met subsidie van SURF Educatie<F> en is een samenwerkingsverband waarin het TBI en de theologische faculteit van de Radboud Universiteit samenwerken met universiteiten in Zuid-Afrika, Duitsland, Ierland en de Filippijnen. De bedoeling is dat studenten die via SPINE worden opgeleid “full member” worden van SPIRIN en bijvoorbeeld ook gaan meediscussiëren over actuele onderwerpen.

“De afgelopen twee jaar hebben we voor SPINE zeven kernmodules ontwikkeld”, zegt Waaijman. “Inmiddels hebben we uit verschillende fondsen een garantiesubsidie gekregen voor tien jaar, waardoor we het ontwikkelde model kunnen implementeren. Daarnaast hopen we dat ook andere universiteiten modules gaan ontwikkelen, bijvoorbeeld rond thema’s als massamedia en spiritualiteit, gezondheidszorg en spiritualiteit, en onderwijs en spiritualiteit. Ik zie het zo: we hebben een autootje gebouwd. Nu moeten we voldoende chauffeurs en monteurs vinden om het autootje rijdende te houden.”

Zinvolle community

SPIRIN kreeg pas gaandeweg zijn huidige vorm. Voor het UCI, dat verantwoordelijk was voor de technische infrastructuur, was dat soms lastig, zegt projectleider Ger Groothuijsen. “Door voortschrijdend inzicht moest de applicatie regelmatig worden aangepast waardoor enige vertraging ontstond. Doordat het SPINE-project een aantal onderdelen van de SPIRIN-website nodig had, dreigde ook SPINE vertraging op te lopen. Dat project moest, onder andere vanwege de SURF-subsidie, binnen de afgesproken deadline worden opgeleverd. Gelukkig zijn beide projecten inmiddels succesvol afgerond en heeft SURF een positieve review gegeven.”

Groothuijsen kijkt daarom tevreden terug op het project. “Naast het bouwen van de website heeft het UCI ook meegedacht over inrichting en beheer van de site. We stuitten bijvoorbeeld op vragen als: wie mag een discussie beginnen? Hoe wordt die afgesloten en door wie? En hoe moet de organisatie veranderen?”

Die laatste vraag is volgens Waaijman essentieel voor het project. “We wilden geen product ontwikkelen dat vervolgens in de boekenkast belandt. Het is geen enkel probleem om de 80.000 titels van onze bibliotheek in de bibliografie te gooien. Maar we wilden de belangrijkste probleemvelden definiëren en auteurs aansporen om mee te discussiëren zodat een zinvolle community zou ontstaan die kritisch nadenkt over het vak. Daarnaast wilden we het TBI veranderen tot een digitaal instituut, waar elke medewerker verantwoordelijk is voor het bijhouden van de belangrijkste studievelden en het volgen van de discussies.”

Besturingssysteem

Volgens Waaijman zou de aanpak van het TBI ook bij andere eenheden vruchten kunnen afwerpen. “Ik denk echter wel dat er bepaalde voorwaarden zijn. Zo moet hun studieobject een internationaal karakter hebben en moet de eenheid geïnteresseerd zijn in de visies van een internationaal gezelschap. Daarnaast moet de ambitie zijn dat studenten niet uitsluitend vaardigheden leren voor de praktijk, maar ook voor het contact met wetenschappelijke collega’s.”

Tien jaar geleden was het TBI vooral een bibliotheek met twee loketten en daarachter medewerkers. Waaijman hoopt dat het instituut over tien jaar een vanzelfsprekende positie bekleedt en iedereen die serieus bezig is met spiritualiteitsstudie kan faciliteren. “Zodat mensen uit allerlei landen communiceren en ook onderwerpen als inheemse spiritualiteit en randgebieden van de spiritualiteit tot hun recht komen.” Het fysieke instituut zal volgens Waaijman niet verdwijnen, maar functioneren “als een soort besturingssysteem van allerlei deelprogramma’s die internationaal werken, maar altijd lokaal gefundeerd zijn. Een beetje zoals het UCI, alleen faciliteren wij niet de techniek, maar de inhoud.”

Terug naar het archief 2004


 

 

 

 

 

 

 

 

Copyright © Tekstlink - 024-344 6760 - info@tekstlink.com